Street art spotten in Georgetown

Posted Dagboek Maleisië

Een busreis waarin ik zelfs kan lezen

De reis van Kuala Lumpur naar het eiland Penang is alweer een luxe. Tussen deze plaatsen licht namelijk een grote, redelijk nieuwe tolweg. De weg is zo recht, dat het zelfs mij lukt om een serie te kijken en te lezen. Eenmaal op Penang aangenomen, nemen we voor in totaal slechts RM4 de bus naar George Town. Helaas is het érg druk in George Town. Dit komt doordat 11 september een nationale feestdag (Islamitisch nieuwjaar) is in Maleisië en daardoor reizen ook veel locals naar Penang (en George Town). In plaats van dat er een soort spitstijd is waarin het druk is met de auto’s is George Town nu de hele dag door één groot verkeersdrama. Hier moeten we tijdens ons verblijf maar proberen doorheen te kijken.

 

Etenstijd: natuurlijk belanden we weer bij de Indiër

Ons hostel is prima en de hosteleigenaar, Han, is ontzettend gastvrij. Hij legt ons uit wat waar te vinden is en hoe we moeten lopen. Het is onderhand 18:00u geweest en onze lunch was een zak chips in de bus. We hebben onderhand dus écht honger. Eerst eten.

Na even zoeken belanden we bij een Indiër (ja, alweer ). Hoewel het eten in Maleisië eigenlijk altijd wel erg lekker is, staat George Town bekend als hét food walhalla van het land. Met deze eerste maaltijd is het in ieder geval raak: het is heerlijk!

Na het eten lopen we nog een rondje door de straatjes. Ons hostel zit vlak bij de wijk Little India en in de straten eromheen is het gezellig druk. Léon zegt nog dat het bijna echt op India lijkt, alleen het toeteren en het motorverkeer is (gelukkig!) een stuk minder.

Wat ons opvalt (en wat de hosteleigenaar ons ook verteld heeft) is dat alle culturen zo door elkaar leven hier. In heel Maleisië is zo’n 60 procent van de bevolking Maleis. Daarnaast is wel zo’n 23 procent van Chinese afkomst(!) en dan is er nog een restje met onder andere Indiërs. Han vertelt ons dat in George Town de helft van de bevolking Chinees is. Daarnaast zijn er veel Indiërs en Maleisiërs. Ook legt hij uit dat deze culturen al voor decennia naast en door elkaar leven. (En waarom kan dat dan hier wel??). In één straat heb je zelfs een Chinese tempel, een Boeddhistische tempel, een Christelijke kerk en een Islamitische moskee.

 

Street art spotten en eten zoeken

De volgende dag gaan we op zoek naar alle street art. Sommige kunstwerken zijn wel even zoeken, maar anderen zijn meer dan duidelijk: hier staan namelijk rijen toeristen voor om er allemaal even mee op de foto te gaan. Tja, dat heb je, als je in zo’n toeristisch gebied bent. Daarnaast is het héél warm. Er komen direct dus ’s ochtends al flink wat flessen water aan te pas om onze dorst te lessen.

Als het bijna lunchtijd is, besluiten we naar één van de food courts te lopen die onze hosteleigenaar heeft aangewezen. Helaas, deze is dicht. Een ander foodcourt proberen dan: ook dicht. Waarschijnlijk gaan deze ’s avonds pas open. We moeten dus op zoek naar een ander eettentje. En hoewel George Town echt niet groot is, lopen we precies de verkeerde route: we komen namelijk terecht in allerlei Chinese wijkjes en straten en wij houden echt niet van Chinees eten.

Al met al duurt het dus een behoorlijke tijd voordat we eindelijk een niet-Chinees restaurant hebben gevonden. Verrassing: een Indisch restaurant (wat een straf). Daarna bezoeken we nog een aantal street art stukken totdat het plotseling erg hard begint te regenen. En dan ook echt hard. We schuilen onder een afdak en zien de straten blank komen te staan. De goten kunnen het water niet aan en stromen over. Na ongeveer een half uur wachten wordt het wat droger. Omdat we onderhand best wel moe zijn en nog wat dingetjes willen regelen, besluiten we naar ons hostel te gaan tot het eten.

 

Léon zijn minute of fame

Léon had tijdens het street art spotten overigens nog een klein momentje van fame. Toen we bij een kunstwerk kwamen waarbij kinderen aan het basketballen zijn, bleek de basketbal los te zijn geraakt van de ring. Deze hing er dus wat zielig bij.

Een aantal Japanse jongens probeerde er maar het beste van te maken en ging er alsnog mee op de foto. Deze jongens waren natuurlijk nooit lang genoeg om bij de bal te kunnen. En toen was daar Léon die “plop” de bal weer op het ringetje plaatsen. De Japanners vonden het geweldig en Léon kreeg luid gejoel en applaus. Zo zie je maar weer dat lang zijn ook zijn voordelen kan hebben.

Comments (0)

Leave a comment

Your email address will not be published. Required fields are marked *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.